Recreatiezonering: wat gebeurt er?

De samenwerking op de Veluwe richt zich op twee ambities: zuinig zijn op wat de Veluwe te bieden heeft enerzijds en aantrekkelijk zijn voor bewoners en bezoekers. Economische motieven (recreatie versterken) naast Ecologische motieven (biodiversiteit versterken), beide komen voor in de VeluweAgenda. Het lijken tegenpolen maar binnen de VeluweAgenda halen we de kracht uit de samenwerking om de tegenkracht samen te smeden.
Recreatiezonering is een goed voorbeeld daarvan. Door aandacht te besteden aan een aantrekkelijke infrastructuur voor de wandelaars, fietsers en ruiters op de Veluwe gaan we bepaalde gebieden minder verstoring laten beleven. Binnen de samenwerking Veluwe-op-1 loopt er een speciaal project rond Soortenherstel & Recreatiezonering onder projectleiderschap van Ernst Boere, werkzaam bij de provincie Gelderland. In deze tekst gaan we dieper in op dat project.

Het gaat niet zo goed met de natuur op de Veluwe…

Er zijn onlangs in Duitsland tellingen gedaan van insecten en het blijkt dat er 70% minder insecten zijn. Veel wijst er op dat de situatie op de Veluwe vergelijkbaar is. Insecten vormen een belangrijke voedingsbron voor vogels, dus die hebben minder voedsel voor handen. De verschillende voedselketens worden zo negatief beïnvloed. Jazeker, er vestigen zich nu ook wolven op de Veluwe, maar die zijn minder afhankelijk van die voedselketens… Natuurbeheerders maken zich zorgen over de natuur op de Veluwe. Niet alleen over de fauna, maar ook over de flora. De oude eikenbossen op de Veluwe dreigen allemaal af te sterven. We moeten met elkaar nagaan op welke manier we maatregelen kunnen nemen om zaken te verbeteren!

Meer weten? De provincie laat regelmatig onderzoeken hoe het staat met de biodiversiteit in Gelderland: lees zelf het het laatste rapport dat daarover gaat.

De Veluwe zit ‘op slot’

Een recreatieondernemer aan de rand van het Veluwemassief kreeg bij de rechter niet de toestemming die hij nodig had om een nog aantrekkelijker aanbod te maken voor zijn bezoekers. De uitbreiding die hij voor ogen had, was niet goed voor de zwarte specht die in dat gebied leeft en noch deze ondernemer, noch de gemeente kon aantonen dat er elders hard werd gewerkt aan een alternatief leefgebied voor de zwarte specht. Het wordt tijd dat we op de Veluwe kunnen laten zien dat we ons daar voor hard maken zodat de kansen worden vergroot op ruimte voor economische ontwikkelingen.

Een groot deel van de Veluwe valt binnen het gebied waarvoor de Europese regels van Natura 2000 gelden. Dat is een eer omdat alleen bijzondere natuurgebieden in Europa vallen onder die regels: het gebied is waardevol genoeg om extra bescherming te mogen genieten. Maar deze eer schept ook verplichtingen. Strenge regels voor veranderingen en de plicht om bepaalde diersoorten te stimuleren. Bijvoorbeeld, de zeven doelsoorten.

Waarom redden we maar zeven vogelsoorten?

We streven naar het verbeteren van de omstandigheden voor veel meer vogelsoorten. Op de aparte projectpagina rond Soortenherstel, lees je daar meer over. Het gespecialiseerde onderzoeksbureau SOVON onderzoekt waar de doelsoorten zich bevinden op de Veluwe en met welke maatregelen deze wordt gestimuleerd. Voor sommige soorten is verstoring een factor die ze verjaagt en op basis daarvan kijken we wat we met de recreatiezonering kunnen doen.

Beeld uit de film ‘De Kwetsbare Veluwe’ door Luc Enting. Het toont de onderlinge afhankelijkheid van flora en fauna. In de film zien we dat met het slinken van een van de cirkels, andere cirkels als gevolg daarvan ook kleiner worden.

Maar het probleem is toch vooral de stikstof?

De aanwezigheid van te grote hoeveelheden stikstof die neerdalen op de Veluwe heeft veel invloed op het natuurlijk klimaat van de Veluwe. Het negatieve effect van recreatie beslaat naar schatting ongeveer 30% van het probleem. Voldoende om mee aan de slag te gaan, maar doen we intussen ook iets aan de hoofdoorzaak, de stikstof?

Er zijn inderdaad veel bewegingen op dat vlak:

  • Boeren worden gedwongen hoge investeringen te doen om de uitstoot terug te dringen. Ook bij de industrie en het verkeer wordt gewerkt aan terugdringing.
  • In de (inter)nationale lobby wordt voortdurend aandacht gevraagd voor de negatieve effecten van stikstof.
  • In kleinschalige experimenten wordt gezocht naar methoden om de negatieve effecten van stikstof tegen te gaan.

Recreatiezonering: geleiden door verleiden

Op de Veluwe hebben we veel aandacht voor optimale beleving van de natuur, het landschap en het erfgoed. Een goed middel om de bezoekers (zowel bewoners als toeristen) te laten genieten van de Veluwe is de route. Voor fietsers is er nu al enige tijd het Knooppuntensysteem, voor wandelaars, mountainbikers en ruiters wordt er volop gewerkt aan kwaliteitsverbetering op dat vlak. Bij het opzetten van routes kan rekening worden gehouden met de situatie van deelgebieden op de Veluwe. Op plekken waar de natuur niet veel verstoring kan gebruiken, leggen we geen routes aan. Op andere fraaie plekken weer wel. Zo willen we de wandelaars, fietsers en ruiters verleiden om bepaalde gebieden te mijden. Het kan zijn dat door het project van Soortenherstel en Recreatiezonering bepaalde routes anders worden ingericht.

 

Hoe werken we aan de recreatiezonering?

Het proces richt zich op samenwerking en het gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen. Uiteindelijk leidt dat tot een breed gedragen zoneringskaart. Als bekroning van de samenwerking moet deze kaart formeel worden vastgesteld. Naar verwachting zal de kaart eind 2020 worden voorgelegd aan Gedeputeerde Staten en dan aan Provinciale Staten. Deze kaart vormt de basis voor de argumentatie waarom iets al dan niet wordt vergund op de Veluwe. Wie het niet eens is met de inhoud staat het vrij om beroep of bezwaar aan te tekenen in de laatste fase van de besluitvorming.

Voordat die formele zoneringskaart wordt gemaakt worden er vijf voorbereidende deelkaarten gemaakt. Eén voor elke windrichting op de Veluwe, van Noord-West tot Zuid-Oost, en éen specifiek voor de Hoge Veluwe. Bij het opstellen van die deelkaarten wordt overlegd met de grondeigenaren, de gemeenten, de georganiseerde gebruikers en wie er verder graag betrokken wil zijn. Die deelkaarten bevatten een inventarisatie van een mogelijke zonering met daarbij aangegeven over welke aspecten consensus bestaat en waar knelpunten liggen. Uiteindelijk worden de knelpunten opgelost met een blik over de hele Veluwe.